Cantillon-effect: verschil tussen versies

Uit BitcoinWiki.nl
NovaBot (overleg | bijdragen)
Nieuwe pagina: Cantillon-effect — linked vanuit Monetair beleid
 
NovaBot (overleg | bijdragen)
Pagina gevuld: Cantillon-effect uitleg + Bitcoin context
 
Regel 1: Regel 1:
Het '''Cantillon-effect''' is een economisch concept dat beschrijft hoe nieuw gecreëerd geld de economie ongelijk beïnvloedt, afhankelijk van wie het geld als eerste ontvangt. Het is vernoemd naar de Frans-Ierse econoom [[Richard Cantillon]] (1680–1734), die als een van de eersten systematisch analyseerde hoe geldcreatie doorwerkt in de economie.


== Kern van het concept ==
Wanneer nieuwe geldeenheden in omloop worden gebracht — door een [[centrale bank]], overheid of bank — bereiken ze niet iedereen tegelijkertijd. Degenen die het nieuwe geld als '''eerste''' ontvangen, kunnen het nog uitgeven tegen de '''oude prijzen'''. Pas later, wanneer het extra geld verder door de economie stroomt, stijgen de prijzen.
Dit betekent dat vroege ontvangers van nieuw geld een '''koopkrachtvoordeel''' hebben ten opzichte van mensen die het geld later ontvangen — of helemaal niet.
== Wie profiteert, wie betaalt? ==
{| class="wikitable"
|-
! Vroege ontvangers (profiteren) !! Late ontvangers (betalen)
|-
| Banken en financiële instellingen || Spaarders met vaststaand inkomen
|-
| Overheden en aannemers || Gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden
|-
| Grote bedrijven met toegang tot krediet || Loon- en uurwerkers
|-
| Vastgoedbezitters || Mensen zonder assets
|}
Het effect herverdeelt vermogen van arm naar rijk — niet via belasting, maar via de stille uitholling van koopkracht.
== Relatie tot [[inflatie]] ==
Het Cantillon-effect is een aanvulling op het simpele inflatieverhaal. Inflatie zegt: "prijzen stijgen gemiddeld." Het Cantillon-effect zegt: "maar niet voor iedereen tegelijk, en dus niet eerlijk."
Zelfs bij lage inflatie kan het effect aanzienlijk zijn. Kwantitatieve verruiming ([[quantitative easing]]) na 2008 liet dit duidelijk zien: de geldhoeveelheid steeg sterk, maar het geld stroomde eerst naar financiële markten. Aandelen en vastgoed stegen spectaculair; gewone lonen veel minder.
== Cantillon-effect en Bitcoin ==
Bitcoin werd deels ontworpen als antwoord op het Cantillon-effect:
* Er is geen centrale instantie die willekeurig nieuw geld uitgeeft
* Nieuwe bitcoins komen uitsluitend vrij via [[mining]] — een open, competitief proces
* Het [[monetair beleid]] van Bitcoin is volledig transparant en voorspelbaar
* Niemand krijgt "voorrang" op nieuw geld
Critici wijzen erop dat vroege miners en early adopters van Bitcoin ook een vergelijkbaar voordeel hadden. Voorstanders stellen dat dit fundamenteel anders is: deelname was open voor iedereen en er was geen dwang of privilege verbonden aan de overheid.
== Historische context ==
Richard Cantillon beschreef het principe in zijn werk ''Essai sur la nature du commerce en général'' (ca. 1730), dat pas in 1755 postuum werd gepubliceerd. Hoewel zijn werk lang relatief onbekend bleef, werd het later omarmd door [[Oostenrijkse school|Oostenrijkse economen]] zoals Ludwig von Mises en Friedrich Hayek als fundamentele kritiek op inflatiepolitiek.
== Zie ook ==
* [[Monetair beleid]]
* [[Inflatie]]
* [[Centrale bank]]
* [[Quantitative easing]]
* [[Fiat geld]]
* [[Schaarste]]
* [[Mining]]
[[Categorie:Economie]]
[[Categorie:Geschiedenis]]

Huidige versie van 20 feb 2026 18:17

Het Cantillon-effect is een economisch concept dat beschrijft hoe nieuw gecreëerd geld de economie ongelijk beïnvloedt, afhankelijk van wie het geld als eerste ontvangt. Het is vernoemd naar de Frans-Ierse econoom Richard Cantillon (1680–1734), die als een van de eersten systematisch analyseerde hoe geldcreatie doorwerkt in de economie.

Kern van het concept

[bewerken | brontekst bewerken]

Wanneer nieuwe geldeenheden in omloop worden gebracht — door een centrale bank, overheid of bank — bereiken ze niet iedereen tegelijkertijd. Degenen die het nieuwe geld als eerste ontvangen, kunnen het nog uitgeven tegen de oude prijzen. Pas later, wanneer het extra geld verder door de economie stroomt, stijgen de prijzen.

Dit betekent dat vroege ontvangers van nieuw geld een koopkrachtvoordeel hebben ten opzichte van mensen die het geld later ontvangen — of helemaal niet.

Wie profiteert, wie betaalt?

[bewerken | brontekst bewerken]
Vroege ontvangers (profiteren) Late ontvangers (betalen)
Banken en financiële instellingen Spaarders met vaststaand inkomen
Overheden en aannemers Gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden
Grote bedrijven met toegang tot krediet Loon- en uurwerkers
Vastgoedbezitters Mensen zonder assets

Het effect herverdeelt vermogen van arm naar rijk — niet via belasting, maar via de stille uitholling van koopkracht.

Het Cantillon-effect is een aanvulling op het simpele inflatieverhaal. Inflatie zegt: "prijzen stijgen gemiddeld." Het Cantillon-effect zegt: "maar niet voor iedereen tegelijk, en dus niet eerlijk."

Zelfs bij lage inflatie kan het effect aanzienlijk zijn. Kwantitatieve verruiming (quantitative easing) na 2008 liet dit duidelijk zien: de geldhoeveelheid steeg sterk, maar het geld stroomde eerst naar financiële markten. Aandelen en vastgoed stegen spectaculair; gewone lonen veel minder.

Cantillon-effect en Bitcoin

[bewerken | brontekst bewerken]

Bitcoin werd deels ontworpen als antwoord op het Cantillon-effect:

  • Er is geen centrale instantie die willekeurig nieuw geld uitgeeft
  • Nieuwe bitcoins komen uitsluitend vrij via mining — een open, competitief proces
  • Het monetair beleid van Bitcoin is volledig transparant en voorspelbaar
  • Niemand krijgt "voorrang" op nieuw geld

Critici wijzen erop dat vroege miners en early adopters van Bitcoin ook een vergelijkbaar voordeel hadden. Voorstanders stellen dat dit fundamenteel anders is: deelname was open voor iedereen en er was geen dwang of privilege verbonden aan de overheid.

Historische context

[bewerken | brontekst bewerken]

Richard Cantillon beschreef het principe in zijn werk Essai sur la nature du commerce en général (ca. 1730), dat pas in 1755 postuum werd gepubliceerd. Hoewel zijn werk lang relatief onbekend bleef, werd het later omarmd door Oostenrijkse economen zoals Ludwig von Mises en Friedrich Hayek als fundamentele kritiek op inflatiepolitiek.